Aap
noot mies
De
mensen die leerden lezen met deze woorden, gingen in een heel andere tijd naar
school dan de leerlingen van tegenwoordig, die bijna alles met of met behulp
van de computer leren. In de meeste Nederlandse basisscholen is het krijtbord
allang vervangen door de digitale versie en gebruik van tablets in de klas is
heel normaal. Hier lijkt dat toch een beetje anders. Niet dat je daar terug
moeten denken tot aan de aap-noot-mies-tijd, maar hier en daar blijft de
digitale wereld wel wat achter. Op één van de basisscholen in de stad hangt in
de meeste lokalen een beamer, die aan een computer kan worden gekoppeld, zodat
het vertonen van filmpjes op internet of het houden van een
powerpointpresentatie prima mogelijk is. Digitale schoolborden kennen ze daar
echter niet. In plaats daarvan maakt de leerkracht gebruik van een whiteboard
met stiften.
Ook voor
de leerlingen zijn er weinig digitale leermogelijkheden. In sommige lokalen is
een leerlingencomputer beschikbaar, maar met 28 leerlingen is dat lastig
werken! Gelukkig hebben wel bijna alle leerlingen een mobiele telefoon met
internettoegang, dus als er iets opgezocht moet worden, kunnen ze daar dankbaar
gebruik maken. Behalve de karigheid in digitale leer- en hulpmiddelen laat ook
de aanwezigheid van de ‘ouderwetse’ leerboeken door geldgebrek ernstig te
wensen over. In februari konden we lezen dat Zweden zich zorgen maakt over de
achteruitgang van de kwaliteit van het onderwijs in de ‘grundskola’, zoals de
basisschool hier wordt genoemd. Wat daar precies de oorzaak van is, wordt op
dit moment driftig onderzocht.Behalve de matige hoeveelheid en kwaliteit van de onderwijsleermiddelen kan het Zweedse onderwijssysteem daar ook een rol in spelen. In tegenstelling tot Nederland kent men in Zweden niet de verschillende vormen van speciaal onderwijs. Hier bestaat alleen het fenomeen ‘särskola’, waar kinderen met een ernstige lichamelijke handicap of een zeer grote ontwikkelingsachterstand terechtkomen. Alle andere leerlingen gaan, ongeacht de mate van leer- en of gedragsproblemen, naar de grundskola. Deze begint met klas 1, als de kinderen een jaar of zes zijn, vergelijkbaar met groep 3 in Nederland. Vervolgens duurt de grundskola negen jaar en zwaaien de leerlingen af als ze vijftien of zestien jaar oud zijn. Al die tijd zitten ze dus met dezelfde leerlingen in een klas, ongeacht leerniveau of sociaal-emotionele vaardigheden. En de Zweden zijn gewend om klassikaal les te geven, met als gevolg dat alle leerlingen dezelfde leerinhoud krijgen aangeboden, of ze het nu kunnen of niet. Net als in Nederland zijn ook hier de klassen behoorlijk vol en is het hard werken voor de leerkrachten om iedereen ‘erbij te krijgen’.
Wat zouden de Zweden hun ogen uitkijken als ze eens een kijkje in de Nederlandse onderwijskeuken zouden kunnen nemen. Want ook al is het dan geen aap noot mies, een digitale impuls zou zo gek niet zijn!
Roel
Heidema
www.vilasig.com